Oefendagen

Elke vrouw kan in principe zelf haar kind voeden. Borstvoeding heeft de grootste kans van slagen, als de volgende adviezen opgevolgd worden:

Direct bloot bij moeder en binnen een uur proberen de baby aan te leggen voor borstvoeding heeft de voorkeur.
Na de geboorte blijven moeder en kind zoveel mogelijk bij elkaar; liefst het babybedje bij de moeder op de kamer (rooming-in).

De eerste dag zal een pasgeborene weinig tot geen trek hebben, wel lekker bij je houden, huid op huid contact is hierbij heel belangrijk.
Daarna de borstvoeding zoveel mogelijk stimuleren door elke 2 á 3 uur de borst aan te bieden. Zo leer jij zelf de aanlegtechniek onder de knie te krijgen en jouw baby ook. De melkproductie komt hierdoor sneller op gang.

Hongersignalen: De baby wordt gevoed, wanneer hij of zij er om vraagt (voeden op verzoek). Jij hoeft niet te wachten totdat hij of zij huilt. Jij kunt hem/haar aanleggen, als hij/zij onrustig is. Als hij/zij zijn/haar haar hand naar de mond brengt of als zijn/haar hoofdje aan het draaien is, is hij/zij op zoek naar de borst en begint te smakken.
De eerste weken moet een baby minimaal acht voedingen per etmaal krijgen.

Zorgvuldig aanleggen van de baby is heel belangrijk: met hoofd en lijfje in één lijn, dicht tegen de moeder aan, buik tegen buik. Zijn/haar mondje is wijd open, zijn/haar tong komt onder de tepelhof, zijn/haar kinnetje en neus raken de borst. Als de baby goed is aangelegd, kan hij/zij de borst goed leegdrinken. Door goed aan te leggen komt de melkproductie goed op gang en worden tepelkloven voorkomen en de baby krijgt alle voeding die het nodig heeft.

Een gezonde pasgeboren baby heeft over het algemeen naast borstvoeding geen water of enig andere voeding nodig. Hij/zij mag gerust wat afvallen.
Als de baby niet genoeg drinkt of te weinig in gewicht toeneemt, is vaker voeden de beste oplossing.

Wanneer de baby vaker aangelegd wordt, zal de melkproductie zich aanpassen aan de vraag van de baby. Maar als er bijvoeding gegeven wordt, zal de productie van de moedermelk niet toenemen.